Jano van Gool

In de Pers

Vogel, met Bram van der Vlugt - Vijfentachtig is Bram van der Vlugt, bijna dan, maar zijn hoofd weigert dat feest te vieren. Liever leert het nog lange teksten.... - DICK VAN TEYLINGEN, theaterkrant in: Theaterkrant lees meer
Hoe alles moest beginnen - Twee kinderen, Thomas en Licia, gaan met elkaar het verzonnen leven aan, want het echte leven vertrouwen ze niet.... - Thomas Verbogt in: Uitg. Nieuw Amsterdam lees meer
Wat is precies de bedoeling? - Van tijd tot tijd vraagt iemand wie de opvolger is van Carmiggelt. De vraag is even onzinnig als begrijpelijk.... -  in: Boekensalon lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Aaien

Op een klein terras lees ik een krant. Hoewel ik dieper dan diep verdiept zit in het wereldnieuws, voel ik ineens een verandering in mijn omgeving. Er arriveert een echtpaar met een erg grote hond, zo’n hond die te veel ruimte nodig heeft, en nu nukkig hijgend onder het tafeltje plaatsneemt. Tafeltje beweegt. De man hoort bij de hond, ze lijken op elkaar. Hij heeft ook veel ruimte nodig en loopt op van die hoge schoenen die je ziet op expedities door de jungle. Voordat hij gaat zitten, mept hij zijn mobieltje op tafel. Hij snuift wilskrachtig. Een compacte man is het. Snor, niet groot maar ook niet klein. Tegen de veertig, schat ik. Zijn vrouw ook. Aan haar is te zien dat de man zijn aandacht tussen haar en de hond niet altijd handig verdeelt. Ze heeft zich daarbij neergelegd en is wat verstard in een timide houding. 
Als de man iets bestelt, hoor ik dat hij een stem heeft waarmee hij ook ruig zou kunnen blaffen: “Thee voor haar, voor mij een grote kop lekkere koffie.” Dat hij zo precies doet over de koffie, benauwt me.
Aan het tafeltje naast hen komt ook een echtpaar zitten, ook tegen de veertig. Zonder hond. En het is net alsof die er wel bij had gemoeten. In hun kleding lijken ze nogal op elkaar, te grote rode jacks en ook van die jungleschoenen.
Als de vrouw de hond ziet, gaat ze hem aaien: “Issie braaf, issie dan zo braaf?” Het tafeltje waaronder de hond ligt, beweegt onmiddellijk meer dan strikt noodzakelijk is. De hond gromt en zet zijn tanden in de aaiende hand. Het tafeltje valt om, de vrouw maakt haar hand los uit de hond en valt ook om. De compacte eigenaar van de hond gaat staan, zet zijn handen in de zij en roept: “Dat doet hij nooit! Dat doet hij nóóit!”