Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Ommetje

 Een hokjesdenker ben ik niet. Ja, toen ik puber was, maar dat ben ik al een tijd niet meer, misschien nog een beetje, maar te weinig om mensen in hokjes te plaatsen. Zo ben ik ook niet opgevoed, maar ja, in je puberteit trek je je weinig van je opvoeding aan. 

Ooit zei iemand tegen me: “Wat bén je toch voor iemand?” Heb verdrongen wie dat was, maar de vraag, die geen gunstige uitstraling had, bleef lang hangen. Misschien had ik moeten antwoorden dat je er ongeveer je hele leven over doet dat te weten te komen, maar dat zei ik niet, want dat klonk op dat moment veel te wijsneuzerig. Ergens in de jaren tachtig verscheen er van mij een boek dat Geen danstype heet. Titel beviel me. Dat was ik in ieder geval niet, een danstype dus. Ik geloof niet dat ik me daarmee in een hokje plaatste, want als je iets niet bent, kun je nog een heleboel wél zijn.
Gisterochtend zat ik lang na te denken over dat soort kwesties. Kwam door deze krant. Daarin stond een artikel met de kop: Goede voornemens voor 7 typen thuiswerkers. Zo’n artikel lees ik van een afstandje, bang voor de confrontatie met het type dat ik ben. Dat begon al met type 1: De uitsteller. Dacht meteen: ik lees de rest later wel, maar toch ging ik nog even door en ik bleef hangen bij type 6: De 24/7-tijger. Dat is de thuiswerker die van geen ophouden weet. Ben ik niet altijd, maar vaak wel, ook omdat mijn werk mijn leven is. Is niet altijd gezond, maar in mijn geval wel. Ik lees dat ik meer witjes moet nemen, wat wil zeggen een pot thee zetten, uit het raam staren of een ommetje maken. Van een pot thee ben ik niet zo, maar staren en ommetjes maken, liefst starend ommetjes maken, ja, graag. Ben ik in ieder geval: witjestype.