Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Priem

De Koninklijke Nederlandse Schaatsbond heeft ook een afdeling die sectie Natuurijs heet. Uiteraard heeft die sectie een voorzitter. Ik las een interview met hem. Hij schaatst zelf niet, wat je opmerkelijk zou kunnen vinden, maar dat moet uiteraard kunnen. Er zijn meer mensen die niet schaatsen, ik bijvoorbeeld, niet uit principe, maar mijn lichaam weet zich geen raad met een glad oppervlak, zo simpel is het. Zou niet in me opkomen voorzitter te worden van de sectie Natuurijs.
Ook interessant is dat de voorzitter, Rieks Poelman heet hij, heel erg tégen het schaatsen op natuurijs is. Of hij dat altijd zo is, weet ik niet, maar nu wel, want hij vindt het te gevaarlijk. Landijsbanen zijn oké. 
Meteen heeft zijn functie nu iets tragisch, maar misschien zie ik dat verkeerd, maar ja, en zelf niet schaatsen en tegen schaatsen op natuurijs zijn en dan ben je voorzitter van de sectie Natuurijs. Hoe is zo’n man in de huiselijke omgang, vraag ik me dan af. Stel dat ik een café heb, zelf niet drink en tegen alcohol ben, tegen gezelligheid in de horeca in het algemeen, volgens mij heb ik dan best een moeilijk leven.
Maar goed, de voorzitter van de sectie Natuurijs is zich ervan bewust dat je wel kunt zeggen dat het gevaarlijk is, maar dat dan juist heel Nederland erheen trekt. Zo werkt dat. Op de vraag of die schaatsers een touw en een priem moeten meenemen voor als ze door het ijs zakken, antwoordt de voorzitter: “Dat ga ik u niet zeggen. Dat laten we dit jaar heel bewust achterwege. Wij willen niet verantwoordelijk worden gesteld voor alle domme schaatsers die dit toch doen.”
Ik hoor een vréselijk zinnetje uit mijn jeugdjaren, vaak tegen me gezegd: “Je moet het zelf maar weten.”