Jano van Gool

In de Pers

Vogel, met Bram van der Vlugt - Vijfentachtig is Bram van der Vlugt, bijna dan, maar zijn hoofd weigert dat feest te vieren. Liever leert het nog lange teksten.... - DICK VAN TEYLINGEN, theaterkrant in: Theaterkrant lees meer
Hoe alles moest beginnen - Twee kinderen, Thomas en Licia, gaan met elkaar het verzonnen leven aan, want het echte leven vertrouwen ze niet.... - Thomas Verbogt in: Uitg. Nieuw Amsterdam lees meer
Wat is precies de bedoeling? - Van tijd tot tijd vraagt iemand wie de opvolger is van Carmiggelt. De vraag is even onzinnig als begrijpelijk.... -  in: Boekensalon lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Rugzakje

Zaterdagavond speelde ik een rol op een bonte literaire avond, veel publiek, levendige sfeer. In de pauze sta ik met een van de organisatoren te praten als ik een man met een luier om zie. Hij drinkt een pilsje. Jaar of veertig. Blote benen, witte sokken, witte gymschoenen en een geel T-shirt. En een rugzakje om. Maar het is vooral die luier. Ik denk aan een vrijgezellenavond, evenementen die niet het beste in ons losmaken. Een vrouw in gewone kleren vergezelt hem. Ik schrijf nu wel gewone kleren, maar wat zijn dat, gewone kleren? Ze heeft geen luier om, in ieder geval niet zichtbaar. De organisatrice met wie ik in gesprek ben, ziet mijn verbazing en zegt: “Hij is vaak hier.” Ik vraag: “Vaker in luier?” De vrouw knikt: “Altijd. Dat vindt hij leuk. Of prettig.” Voor de zekerheid vraag ik of het grappig bedoeld is. Nee, dat is het niet: de man hecht eraan zo door het openbare leven te gaan. Nee, heeft ook niets met incontinentie maken. 
Ik wil zeggen dat ik het raar vind, maar dat zeg ik niet. Iedereen moet zulke dingen zelf weten, als het me maar niet stoort. Stoort het me? Nee, niet zo dat ik er last van heb. Maar ja, ik vind het  zo raar dat het me toch wel weer een beetje stoort. Ik heb de neiging te denken: doe normaal, alsjeblieft. Dat heb ik natuurlijk niet te denken, ik moet me er niet mee bemoeien, ook niet in gedachten. 
De man met de luier om is in gesprek met andere bezoekers van de literaire avond. Hij heeft een boek uit zijn rugzakje gepakt en dat opengeslagen. Als hij mij aanspreekt, doe ik dan net alsof die luier er niet is? Of moet je er iets over vragen? Hij spreekt me niet aan. Als ik even later op het podium sta, denk ik sterk aan zijn aanwezigheid.