Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

De Gelderlander

Schuurtje

Pieter Omtzigt houdt de spanning er goed in. Hij weet ook hoe dat moet. Na Prinsjesdag verschijnt hij weer ten tonele. Met een lezing over zijn boek, dus twee vliegen in één klap. Maar dan? Wat gaat hij doen?

Landwijn

Al levenslang hecht ik eraan op maandagochtend vroeg uit de veren te zijn: dan is dag maar begonnen. Soms geef ik me een opdracht, bijvoorbeeld: zorg ervoor dat je binnen vijf minuten zin krijg in de nieuwe week. Nu krijg ik dat meestal wel zonder die opdracht, maar ik vind het aangenaam meteen op volle kracht aan het werk te gaan met het dagelijks leven. 

Vis

Je loopt bijvoorbeeld over de markt, ziet een vage bekende en hebt vandaag iets anders aan je hoofd dan een praatje, je bent immers in gedachten, soms een van de beter plaatsen om te zijn. Je maakt er van alles mee en komt er heel veel tegen, ook diverse verrassingen. In gedachten kun je goed om je heen kijken en het aangename is dat niemand ziet dat je dat doet. Je kunt niet altijd zeggen wat er gebeurt, soms weet je het zelf ook niet.

Zomerwind

Maandag arriveerde een groepje mannen in oranje pakken. Met een hoogwerker. Ze kwamen voor de boom die de iepenziekte had. Daarom had eerder een deskundige een plastic lint om de boom gespannen waarop stond dat de boom verwijderd zou worden. Maandag hielden we ons hart vast. Een van de mannen was woordvoerder. Hij had een imposante omvang en kwam naar ons toe met een tak die hij plechtig doormidden brak: “Kijk maar.” Had de vorige deskundige ook al gedaan en toen zagen we niets, nu ook niet. “Woensdag halen we hem weg,” besloot hij de gedachtewisseling. 

Kussentje

Of ik het dadelijk volhoud de hele openingsceremonie in Tokio mee te maken, weet ik nog niet, in ieder geval een groot gedeelte. Ook omdat ik nieuwsgierig ben hoe het gaat nu eergisteren de regisseur van het evenement ontslagen is, maar ik neem aan dat er een assistent is die van wanten weet. Anders kunnen ze nog altijd Louis van Gaal bellen, want die is hier nog niet aan het trainen (denk ik). 

Kaartje

In 1961 werd Joeri Gagarin als eerste mens de ruimte in geschoten. Ik herinner me de sensatie nog. Voor het eerste hoorde ik mijn moeder zeggen: “Wat kunnen ze toch veel tegenwoordig.” Op school zei de onderwijzer:  “Over 25 jaar kamperen we op de maan.” Hij sprak die woorden nogal dwingend uit, alsof we al voor een puike tent moesten gaan sparen. 

Afwerend

“We zien wel.” Ik zeg het liever niet en hoor het ook niet graag. Komt door de eerste periode van mijn leven. Volwassenen zeiden het vaak. Dan wilde je iets, terwijl je uiteraard niet te willen had, en dan zei bijvoorbeeld de onderwijzer of een autoritaire tante bij wie je moest logeren: “We zien wel.” Met als variant: “Dat zien we straks wel.” Nooit wist ik wat ik me precies bij `straks’ moest voorstellen. Heb ik nog steeds. Hoezo straks? In sommige situaties heb ik vlammende behoefte aan concreetheid.

Hulp

Misschien hoort dat bij een nabije toekomst: dat wanneer je ergens op bezoek bent geweest, een dag later moet laten weten wat je ervaringen tijdens dat bezoek waren. Evaluatie. Min of meer dagelijks ontvang ik dat verzoek van een winkel of instelling die me van dienst was. Eigenlijk wil ik het daarover helemaal niet hebben, wat dat doen we vaak genoeg. 

Dienst

Wanneer ik een sportwedstrijd heb gekeken of beluisterd, zet ik na afloop de televisie of radio meteen uit. Heb zelden behoefte aan een nabeschouwing en wil vooral niet het antwoord horen op de vraag hoe iemand zich voelt of: “Wat ging er door je heen?” Je zou zeggen dat die vragen zo vaak belachelijk zijn gemaakt dat ze niet meer gesteld worden, maar dat is niet zo, ze zijn onverwoestbaar

Boren

Het is niet druk op de fitnessclub, drie mannen en de coach, geen man. Als ik ben gaan zitten op de fiets die nergens heen gaat, zegt ze dat we vandaag twee heuvels nemen. Die heuvels stelt ze in op het kleine beeldscherm naast het stuur. Links van me staat een ander scherm, een heel groot, hemelsblauw van kleur. Daarachter zijn twee mannen aan het werk. Ze verbouwen iets. De coach zegt dat ze soms lawaai maken. Of ik daar geen last van heb? Natuurlijk niet, ben al op weg naar de eerste heuvel.

Pagina's