Als mijn vader een boek kreeg of kocht, schreef hij voorin altijd zijn naam en de datum van die dag. De avond voor zijn crematie liep ik langs zijn boekenkast, pakte er hier en daar een boek uit en merkte dat ik ook in een soort dagboek van zijn leven verzeild was geraakt. Ik za... lees meer
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Plak
Waarschijnlijk hockeyt ze, mijn mondhygiëniste. Ik zeg nu wel `mijn’, maar ze is natuurlijk helemaal niet van mij, maar vast van iemand anders. Het is niet ondenkbaar dat die zich nog eens lekker omdraait als zij mij ontvangt, om acht uur in de morgen. Dat ik denk dat ze hockeyt, bedoel ik alleen maar enorm positief. Haar stem is prettig schor en haar r klinkt een beetje verwend. Vind ik allemaal erg goed in de vroege ochtend. Als ik in de stoel lig, zet ze een lasbril op en doet een mondkapje voor. Ze kijkt in mijn mond en als ik de kans krijg, vraag ik meteen of het meevalt. Daar moet ik eens mee ophouden, met dat hengelen naar complimenten. Hoe oud ben ik nu? Ze schudt verontrust haar hoofd en gaat me als altijd kordaat op mijn kop geven. Het hoofdprobleem is dat ik te nonchalant omga met plak. Ze pakt een demonstratiegebit en een tandenborstel en doet voor de zoveelste keer voor wat ze van me verwacht. Ik moet haar nadoen. Ze legt even haar hand op mijn onderarm: `Het is echt niet moeilijk. Je doet het toch heel goed?’ Ah, gelukkig toch een compliment. De nieuwe dag begint licht te dansen. Dan gaat ze geconcentreerd aan het werk in mijn mond. In haar behandelkamer klinkt bigbandmuziek uit de luidsprekers. Ze neuriet zacht en melodieus mee. Voor het eerst zie ik nu dat aan de binnenkant van haar rechterbovenarm, twee blauwe vogeltjes zijn getatoeëerd. Misschien heeft ze dat wel speciaal gedaan voor haar patiënten. Hebben ze iets om naar te kijken. Vandaar ook haar korte mouwen. Het wordt nu echt lente.
Columns
-
-
Altijd als er ergens een interview staat met de Nijmeegse hoogleraar psychologie Ap Dijksterhuis, lees ik dat graag. Alleen al omdat hij geluksprofessor wordt genoemd. Ben ik vaag jaloers op.
Gisteren werd ik in deze krant op mijn wenken bediend. “Ga iets doen, daag jezelf... lees meer -
In deze tijd mag je je niet meer tegen te veel verzetten. Een best belangrijke vraag is wat ertoe doet en wat niet. Ik ben geen liefhebber van woordspelingen, maar mij hoor je niet over `Woningsdag’. Nee. Ik begrijp dat `Balkoningsdag’ ook is overwogen. Prima. Hoe ik mezelf die... lees meer
-
De herrie bij 50plus moeten we als een verzetje zien. Is net als bij sommige Bekende Nederlanders: als ze een tijdje geen aandacht hebben gehad, gaan ze iets bedenken, een lied zoiets. En daarover mogen we ons even vrolijk maken.
-
Een ritje naar boven maken en dan weer uitstappen. Dat hoorde ik iemand zeggen en het ging niet over reïncarnatie. Nee, het was iemand van een beleggingsbank. Hij had het over mensen die nu ineens aandelen gingen kopen. Ik kan er niet te veel over zeggen, want heb er geen versta... lees meer
-
In een buitenland ineens een bekende tegenkomen, kan een vage zijn, maar toch. De laatste die je daar verwacht had. Zeker in een ver buitenland. Nepal, bijvoorbeeld, Kathmandu.
-
Al een maand kan ik niet naar de fitnessclub. Er zijn ergere dingen, wéét ik, maar ik hechtte aan mijn discipline en natuurlijk ook aan de sturing van de coach(es). In hun geest probeer ik dagelijks wat oefeningen te doen, op een plek in huis waar ik me onbespied weet. Mijn repe... lees meer
-
Toevallig las ik het ergens, het zat niet in mijn hoofd, ja, misschien wel, maar dan heel ver in een kleine uithoek: vandaag is het vijftig jaar geleden dat de Beatles uit elkaar gingen. Officieel dan. Ze waren daarvoor al een beetje uit elkaar. Het officiële bericht kwam niet a... lees meer
-
De straat is normaal benauwend druk, maar nu zo leeg dat oversteken een fluitje van een cent is. Als ik daarmee bezig ben, nadert er van rechts een auto, op hoge snelheid. Ik neem zelden het zekere voor het onzekere, maar wel in het verkeer en blijf midden op de weg staan.
-
We zijn het stadium voorbij dat we grapjes maken over het verbod elkaar te groeten. Die grapjes zijn op. Soms zien we mensen nog met de voet en gestrekt been groeten, maar dat is een onhandige manifestatie van een behoefte waarmee we niets te kunnen.
-
Als je zo nu en dan telefonisch contact met iemand hebt, bijvoorbeeld een ambtenaar van een gemeentelijke instelling, maak je je automatisch een voorstelling van die persoon. Door hoe die praat. En wat die zegt. Tijdje geleden bijvoorbeeld, een man met wat barse, vochtige stem d... lees meer
-
Zaterdag in de vroege avond zat ik te mijmeren aan de keukentafel en vroeg ik me ineens of er nog nieuws was (dat vragen we soms: “Is er nog nieuws?”). Ik zette de radio aan en kwam terecht in een programma dat haast te vrolijk voor woorden was. Het heet Proost! en is er nog maa... lees meer
-
Woorden als `troost’ en `bemoediging’ boeten deze dagen een beetje aan waarde in. Ze worden te vaak gebruikt. Is niet erg, maar we moeten natuurlijk niet te snel denken dat het zomaar lukt, iemand troosten of bemoedigen, door alleen maar te zeggen dat je dat doet. Ik heb het nie... lees meer
-
Toen ik kind was, lag er in iedere straat waar ik vanwege mijn kindertijd doorheen liep, voor minstens een van de ramen een zieke. Om naar buiten te kunnen kijken, om nog betrokken te zijn bij een wereld waarvan die nauwelijks nog deel uitmaakte. In bijna alle gevallen was het e... lees meer
-
Een afwijking waar ik niet zonder kan en die ik daarom ook geen afwijking noem, is dat ik altijd en overal verhalen zoek. Een detail kan met me op de loop gaan, een gebaar of voorwerp, een woord dat voorbij waait, laat ik het zo samenvatten: alles. Ik schrijf vaak dat het gewone... lees meer
