Natuurlijk hebben pakketbezorgers het moeilijk! Tegen een te gering salaris moeten ze veel te veel doen, terwijl hun werkgever ons juist stimuleert de pakjes te bestellen. Niet alleen hun werkgever, maar de bedrijven waar die pakjes vandaan komen. Dat laatst is begrijpelijk, maar ik zeg het vaker: bezoek aan een winkel is natuurlijk ook mogelijk, en dan bedoel ik dus een winkel met een deur en iemand die iets tegen je zegt, als je binnenkomt, en dan liever niet meteen op orkaansterkte: “Kan ik u helpen?”.
Het zijn soms prachtige en/of fascinerende kerst- en/of nieuwjaarskaarten die ik per mail of app ontvang. Ik heb er al een paar waarop ik iets moet aanklikken en dan gaan grappige Kerstmannetjes Jingle Bells zingen of zie ik een onvoorstelbaar vuurwerk, terwijl André Rieu Am schönen blauwe Donau speelt. Het kan ook soberder: alleen maar een afbeelding. Of iets minder sober: een foto van de afzenders met Kerstmanmutsen op en gezellige truien aan.
Fascineert me ieder jaar, de kerstpakketten. Vooral nu het duidelijk is dat niemand duurzame dingen wil, bijvoorbeeld een leuk kurken siervoorwerp, en ook geen cadeaubonnen. Nee, blikjes met Bulgaarse leverpastei of potjes olijven. En luxe noten, wat ik altijd zo’n treurige aanduiding vind. Toen mijn moeder was overleden en ik met de uitvaartdeskundige sprak, vroeg die ik of ik na afloop van de plechtigheid luxe noten wilde. Ik dacht toen: nee, wilde moeder vast niet, gewoon lekkere zoute pinda’s.
Wat ik prettig vind is dat ik steeds minder snel last heb van lichte wanhoop, maar voel die toch nog steeds wanneer ik iets lees wat voor mij bedoeld is terwijl ik er nauwelijks iets of helemaal niets van begrijp. Brieven van de overheid bijvoorbeeld. Of gebruiksaanwijzingen bij apparaten die je zelf in elkaar moet zetten. Vaak komt het door de belabberde formulering, maar ja, daar moet ik in principe toch doorheen kunnen lezen. Ook gebeurt het dat ik onderdelen van de informatie niet bruikbaar met elkaar kan verbinden.
Van een gourmetmini had ik nog niet gehoord. Ligt aan mij. Ik zeg vaak dat niets lang geleden is, maar lang geleden heb ik weleens gegourmet, en dat is wél lang geleden. Ik vond het gepriegel, met al die kleine pannetjes. Dat het gezellig kan zijn, snap ik, maar als je je best doet kan bijna álles gezellig zijn, ligt er maar aan welke eisen je aan gezelligheid stelt.
Zaterdag in de vroege avond liep ik in haast door de stad. Er stond een stevige wind – een autoritaire wind, moet ik misschien zeggen, kille regen zwiepte in mijn gezicht en ik vroeg me af waarom ik mijn leven niet beter indeelde. Toen dit jaar begon, besloot ik er goed voor te zorgen zo min mogelijk haast te hebben, niet door minder te doen, maar door alles beter in de tijd te ordenen. Een goed voornemen dat nog in de eerste helft van januari sneuvelde.
Dof woord met doffe betekenis: uitzitten. Ik spreek het gelukkig weinig uit. Moet er niet aan denken. Erg vind ik bijvoorbeeld de mededeling: “Hij zit zijn tijd uit.” Meestal gaat het dan over werk. Dan zit je er niet kwiek bij. Volgens mij ruikt iedereen het ook een beetje dat je je tijd uitzit. Je bent ook licht contactgestoord. Je tijd uitzitten vraagt immers om sterke concentratie. Je wilt immers alleen dat, verder geen gezeur aan je kop, geen polonaise.
Nu er toch zo veel politieke partijen zijn vind ik het leuk als er weer een beetje bij komt. Ik ben zuinig op het woord `leuk’, maar nu wil ik het graag leuk noemen. Ik bedoel: het heeft amusementswaarde. Zo denkt de nieuwe partij er ongetwijfeld niet over en dat moet ook niet: BoerBurgerBeweging. Drie B’s die ik al hoor uitspreken door iemand die de partij belachelijk wil maken. Dat laatste mag natuurlijk niet, want het is goed dat de partij er komt. Hoe meer hoe beter.
Voor een carrièreswitch is het te laat, maar ik zou het best willen zijn: integriteitadviseur van de Tweede Kamer. Alleen al omdat het me fascineert waarom zo’n functie er moet zijn. Mannen en vrouwen die door ons gekozen zijn om ons naar eer en geweten te vertegenwoordigen, en dan kan de integriteit een kwestie zijn. Leg het maar eens uit aan mensen die van niets weten.
Vorige week schreef ik over de huiselijke ruzies rond het versieren van de kerstboom. Die horen erbij. Als het harmonieus gaat, wordt Kerstmis vast net iets te saai.