Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Jungle

Is iets van de laatste jaren dat ik stilsta bij het einde van de zomer. Terwijl ik over het strand wandelde, besefte ik dat. Nog niet zo lang geleden maakte het me allemaal niet zo veel uit, want ik had al vanaf halverwege de lente zin in de herfst. Ben echter zomerser geworden, ook al was deze zomer er een met een matige uitstraling. Op het strand ben je toch anders met dat soort dingen bezig dan binnen een bebouwde kom. Het is net alsof ook de zee herfstiger wordt, maar hoe ik dat preciezer zou moeten omschrijven, weet ik niet.
Lijkt me een goed idee op een terras aan de boulevard nog een glas hartigs te drinken. Op de herfst. Op de volgende zomer.
Ik loop dat terras op en hoor iemand hard “Wablief?” zeggen. Vind ik altijd een merkwaardig verzoek om verduidelijking, wablief. Nu zie ik dat de ober (v) een vrouw met een grote rugzak op een plat kussen in een stoel wijst: “Ze zijn verwarmd.”
Ja, heb ik gezien. Staat op een bord bij de ingang van het terras, onder een paar gerechten: Verwarmde kussens! Alsof je die ook kunt eten.
De vrouw met de rugzak hoort bij een andere vrouw die ook een rugzak draagt. Ze zien eruit alsof ze een tijdje door de jungle hebben gedwaald.
“Wablief?” vraagt de vrouw die het ook zojuist vroeg.
De ober (v) pakt een kussen van een van de stoelen en houdt het voor de vrouw: “Hier zit een kleine accu.” Ik weet niet of ik het goed versta. Accu in een kussen? “En die begint te werken als je erop gaat zitten.”
“Doe normáál!” roept de vrouw. Ik hoor dat het geen kritiek is, maar vooral verbazing. Sapperdeflap had ook gekund.
Weer: “Zeg, doe normáál!”
Ik ga een beetje uit de buurt van de rugzakvrouwen zitten. Inderdaad, op een warm kussen. Einde zomer.