Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Stempel

Moet ik iets denken over ons spaargeld en dat er al een bank is die geen rente meer geeft? Vast, maar weet niet wat. Als ik aan rente denk, is het vooral aan geld dat je moet betalen als je iets leent of even een negatief saldo hebt. Die rente verdwijnt niet, wat natuurlijk jammer is. 
Als ik geld stortte op een rekening waar ik niet aan kwam, noemde ik nooit sparen, maar opzijzetten. Volgens mij zit er een verschil tussen die woorden. Opzijgezet geld is er voor wanneer je het ineens nodig hebt. Sparen doe je voor iets. Als ik geld opzijzette dacht ik nooit aan rente, want dan denk je aan iets wat tegenvalt. 
Soms zeggen mensen dat je wat ánders met je geld moet doen. Dat geld moet wérken. Ze gebruiken dan het woord `stenen’ en bedoelen onroerend goed, wat ik lange tijd in mijn leven ontroerend goed noemde, omdat ik echt niet beter wist. Maar ja, dat kost ook veel denkwerk en je moet gesprekken met de bank voeren, gesprekken waarvan bijvoorbeeld ik nooit het fijne begrijp. Ligt aan mijn opvoeding. Mijn ouders hadden nooit zin veel aandacht aan geld te besteden, niet dat ze meer dan genoeg hadden, maar wel genoeg voor wat in hun ogen nodig was. “Saai onderwerp,” zeiden ze. Heb ik overgenomen.
Ik herinner me wel dat ik als jongen met mijn spaarpot naar de bank ging. En met mijn spaarbankboekje. Geld dat ik op mijn verjaardag of voor een goed rapport kreeg, moest in die spaarpot, een teleurstellende gang van zaken.
Een geknakte man op de bank telde het geld en schreef het bedrag op in het spaarbankboekje. Daar zette hij stempel bij. Ik keer ernaar, maar er gebeurde niets in mijn hoofd. “Is voor later,” zei mijn moeder. Ik probeerde als een kleine man van de wereld te knikken.