Weer wil en moet ik het er even over hebben, het afscheid van mevrouw Arib. Zo lang Kamerlid geweest, grootste voorzitter, en dan met stille trom weg. Was even vergeten om hoeveel klachten het ging. Twee (2). Twee (2) anonieme brieven. Wat staat daarin? Mevrouw Arib weet het niet, andere belangstellenden ook niet. De Kamervoorzitter kent de inhoud, maar zegt er niets over. Nee, een commissie. Altijd een commissie.
Je staat er niet dagelijks bij stil dat er ook voor infrastructuur een Staatssecretaris is. Vivianne Heijnen heet ze en ze belooft dat de Nederlandse Spoorwegen aan het einde van het jaar `een stevige evaluatie’ kunnen verwachten. Je staat er niet dagelijks bij stil dat het spoor bij de infrastructuur hoort. Een stevige evaluatie. Klinkt niet mals. Als ik voor die evaluatie verantwoordelijk zou moeten zijn, wist ik niet waarmee ik moest beginnen. Of het moest met de vraag zijn: “Uw bedrijf valt uit elkaar. Hoe kan dat?”
De wintertijd geeft wat meer licht aan de prille ochtend. Ik sta graag vroeg op, maar doe dat sinds zondag iets makkelijker. Komt ook mijn motivatie om naar de fitnessclub te gaan ten goede. Vorige week had ik soms het gevoel dat ik midden in de nacht mijn sportkleren stond aan te trekken. Je zou het stoer kunnen noemen, maar ook uitsloverij. Gelukkig is het nu weer anders. Net of het nog beetje zomer is.
Als er in het openbaar diep door het stof wordt gegaan, lees ik altijd even waarom. En door wie natuurlijk. En wie er baat bij heeft. Meestal is dat laatste niet het geval, want aan het stof ging een vonnis vooraf, meestal een slopend vonnis, anders hoefde de gang door het stof niet zo diep te zijn. Van de gevonniste zijn vooral wat brokstukken over. Die heeft enige tijd nodig om de boel weer aan elkaar te lijmen, maar als voorheen wordt het nooit meer.
Meestal doet mijn geheugen het goed, maar ik weet niet meer of we er vijfenveertig jaar geleden lang over spraken, over de invoering van zomertijd en wintertijd. Nee, alleen de zomertijd, want de wintertijd was gewoon de tijd zoals die bij ons was. Als ik dat opschrijf, krijg ik meteen jeuk in mijn gedachten, want dan begin ik over tijd na te denken.
Het mag natuurlijk niet, maar soms word ik er moe van ieder moment een mening paraat te hebben, terwijl ik donders goed begrijp dat er veel aan de hand is wat om een mening vraagt. Soms verlang ik naar kortstondige leegte, ik kan het niet anders noemen dan zo. Dat je mag toegeven: “Nee, hierover heb ik nu niets te zeggen.” Liefst wil je eraan toevoegen dat je éven nergens iets over te zeggen hebt, maar dat gaat dan weer zo ver.
In de supermarkt op het station vaan Maastricht kocht ik vorige week een paar levensmiddelen voor onderweg in de trein en toen zag ik naast het pinapparaat een afgehakte hand, geen echte, van plastic, maar wel heel erg lijkend op een echte afgehakte hand. Ik dacht: wat raar. Maar ik nam aan dat iemand die per ongeluk had laten liggen. Wel zonderling dat je zoiets bij je hebt. Ik kan daar dan een tijdje over nadenken: je gaat van huis en vindt het een goed idee een afgehakte hand van plastic mee te nemen. Misschien om een beetje te dollen, geen idee.
Waar ik nog nooit van gehoord had, maar inmiddels min of meer alles over weet, is een speelvoorziening voor kinderen die `Jumpsquare’ heet. Raar weer dat Engelse woord. `Springplein’ kan ook, is enorm duidelijk. Vorige week begeleidde ik twee herfstvakantieactiviteiten, de film met in de hoofdrol gele wezentjes, Minions genaamd, en een bezoek van ruim een uur aan het springplein. Van beide evenementen moet ik nog een beetje herstellen, het intenst van het springplein.
Maand geleden zat hier aan de keukentafel een schilder die we gevraagd hadden voor de achterkant van het huis. Daar heeft hij even hoofdschuddend naar gekeken om daarna ruim een uur over zichzelf te spreken. Mensen die het uitsluitend over zichzelf hebben, verdraag ik steeds moeilijker, maar ja, om een schilder binnenboord te houden, doe ik veel water bij de wijn.
Jeremiëren is een woord dat ik nooit gebruik, terwijl ik wel weet wat het betekent en het ook wel iets moois vind hebben. Zaterdag kwam het aan de orde in het Sonnenborgh Museum in Utrecht. Daar valt van alles te beleven over sterren en planeten. maar die dag was er een bijeenkomst van een genootschap dat zich bezighoudt met de avonturen van Kuifje, het Hergé-genootschap. Ben ik lid van.