Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Krulletjes

“Betaalt u cash of met pin?” vraagt het meisje bij de kassa. Ik sta in een filiaal van een drogisterijketen en weet niet wat het goede antwoord is op deze vraag. Als ik cash zeg, maak ik volgens mij een slechte beurt en doe ik net alsof er niets aan de hand is om ons heen. “Pin,” zeg ik. Het meisje wijst naar links: “Moet u bij de zelfscankassa zijn.” Ze heeft grote vriendelijke ogen vol verwondering. Dan stel ik een vraag die ik me nog nóóit heb horen stellen: “Ziet de zelfscankassa dat deze scheerzeep in de aanbieding is?” Ik pakte zojuist een bus scheerzeep uit het schap en zag toen dat de tweede gratis was. Ik ben dan niet meteen in de ban van wilde triomf, maar leg die tweede natuurlijk wel in mijn mandje. Het meisje zegt: “Als het goed is wel.” Als mensen een zin beginnen met `Als het goed is…’ is er meestal iets waardoor het net niet goed is. Nu ook. De zelfscankassa negeert de aanbieding en zet de tweede bus scheercrème gewoon op de rekening. Wat kan mij het schelen? denk ik, maar vind ook dat ik dat niet moet denken. 
Als ik het meisje erbij roep, voel ik me zo’n permanent verbitterde beroepsconsument. Het meisje is op mijn hand en zegt dat ze het ook niet snapt: “Ik roep er even iemand bij.” Er is maar één zelfscankassa en achter me staat inmiddels een rij van vijf personen. 
Ah, daar is de filiaalchef, een compacte vrouw met felle krulletjes. Ongeduldig neemt ze kennis van de kwestie en zegt dan: “Twee plus één.” Het meisje legt die woorden uit: dat ik dus twee bussen moet kopen en dan is de derde gratis. De rij achter me is me hoorbaar spuugzat en als ik even later met drie bussen in het daglicht sta, besef ik dat het al 2021 is als die op zijn.