Jano van Gool

In de Pers

Hoe alles moest beginnen - Twee kinderen, Thomas en Licia, gaan met elkaar het verzonnen leven aan, want het echte leven vertrouwen ze niet.... - Thomas Verbogt in: Uitg. Nieuw Amsterdam lees meer
Wat is precies de bedoeling? - Van tijd tot tijd vraagt iemand wie de opvolger is van Carmiggelt. De vraag is even onzinnig als begrijpelijk.... -  in: Boekensalon lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Saint

Van een burn-out heb ik geen verstand. Ik maak wel mensen mee die er last van hebben. Of last, nee, dat is niet het goede woord: die erdoor gevéld worden. Vooral mensen die veel jonger zijn dan ik. Gisteren nog sprak ik een vrouw die de rest van het jaar `van de radar’ gaat. Ik denk dan: wat lang. Blijkbaar is die gedachte te zien, want de vrouw zei: “Zo’n burn-out moet je serieus nemen.” Doe ik ook, want ik heb er geen verstand van. Daarom lees ik erover.
Prestatiedrang is een boosdoener en ik begrijp dat die al vroeg door ouders gemobiliseerd wordt. Ik kwam een woord tegen dat ik niet kende: bijlesgeneratie. Woord zegt genoeg. Of ik het zorgwekkend vind, weet ik niet. Wat me belangrijk lijkt, is dat je begrijpt wat prestatiedrang met je doet of kan doen. Alles wat je begrijpt, verscherpt je manier van leven, wat een open deur is, maar soms zijn open deuren lekker.
In de eerste klas van het gymnasium heb ik bijles gehad. Van een vriend van mijn ouders, die zo’n goede vriend was dat ik oom tegen hem zei. In die bijles ging het om algebra. Als ik zeg dat ik daar niets van snapte, druk ik me mild uit. Ik kéék ernaar, dat was het, en wist zeker dat ik er later in mijn leven nooit meer aan zou denken. Maar ja, met dat argument sta je als leerplichtig jongetje niet sterk.
De oom gaf me bijles aan een tafel waarboven een boekenplan hing. Daarop stonden een stuk of 30 pockets met avonturen van De Saint, geschreven door Leslie Charteris.
De oom was een aardig en geduldig mens en daarom luisterde ik aandachtig. Na een week of zes begon hij erg teleurgesteld te kijken en daaraan wilde ik iets doen, aan zijn teleurstelling dus. Als iemand doelloos zijn best moest doen, was ik het.