Jano van Gool

In de Pers

Hoe alles moest beginnen - Twee kinderen, Thomas en Licia, gaan met elkaar het verzonnen leven aan, want het echte leven vertrouwen ze niet.... - Thomas Verbogt in: Uitg. Nieuw Amsterdam lees meer
Wat is precies de bedoeling? - Van tijd tot tijd vraagt iemand wie de opvolger is van Carmiggelt. De vraag is even onzinnig als begrijpelijk.... -  in: Boekensalon lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Verpleegster

Je hoort soms zeggen: “Ik zou best weer kind willen zijn.” Mijn kindertijd vond ik in veel opzichten (niet in álle) een prachtige periode, maar het lijkt me een karwei in deze tijd kind te zijn. Kan ik verder nauwelijks verklaren, maar die gedachte schiet door me heen. Misschien moet ik het zo samenvatten: er is zo veel aanbod vanuit de werkelijkheid. Ik heb het gevoel dat mijn kindertijd simpeler in elkaar zat, en als simpeler met eenvoud te maken heeft, vind ik het meteen mooier – niet áltijd, váák.
Een dag als vandaag: Halloween was er nog niet toen ik jong was. Ja, in Amerika en sommige andere landen, maar daarvan had je nauwelijks een idee. Misschien moet je als kind vandaag wel naar een Halloween-evenement. Kijk, dat volwassenen dat doen, dat moeten ze zelf weten, je kunt ze toch niet tegenhouden, en ieder evenement moet met beide handen aangegrepen worden.
Ik heb helaas niet zo veel verstand meer van het kind dat ik was, maar ik kan me niet voorstellen dat ik me intens op zo’n evenement verheug. Natuurlijk, verkleden is leuk, maar op een dag als vandaag luistert het nauw. Ik keek even op internet naar de verkleedmogelijkheden en kwam onder meer tegen: zombie schoolmeisje, klassieke horror clown, grafschender, burned zombie, horror Halloween pakje verpleegster, vleermuis, te veel om op te noemen (die verpleegster interesseert me, merk ik). Bij de meeste kostuums staat dat ze mét bloedvlekken zijn. 
Als je eenmaal op zo’n evenement bent en iedereen ziet er zo uit, oké, misschien valt er dan iets van te maken. Maar je moet erhéén. Over stráát. Ah, daar is de buurvrouw: “Zo Thomas, wat krijgen we nou!” Ze deinst grappig terug. En ik zeg: “Ik ben grafschender, mevrouw.”