Jano van Gool

In de Pers

Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer
Prettig verzinken in de herinneringen van Thomas Verbogt - Je zou bijna elk boek van Thomas Verbogt (1952) kunnen o... - Bo van Houwelingen in: De Volkskrant lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Vieren

Ieder jaar heb ik het vandaag over wintertijd. Misschien moet ik daarover ophouden, maar ja, ik houd van het woord wintertijd en zo vaak kun je het niet opschrijven. Gelukkig spreken we het deze dagen zo nu en dan uit: “Denk erom, het is weer wintertijd.” Of: “Ach, is het alweer wintertijd.” Dat laatste zou ik niet zeggen, maar ik denk het wel, en de melancholicus in mij haalt er van alles bij, maar dat houd ik voor me, want op de laatste maandag in oktober moet je die diepte vermijden. 
Gisteren stond ik in een file in de buurt van Amersfoort achter een kleine vinnige vrachtauto vol kerstbomen. En toen dacht ik ook van alles waarover ik niet wil hebben.
Terug naar het wóórd wintertijd dat ik zo mooi vind. Je kunt niet altijd zeggen waarom je iets mooi vindt en dat is maar goed ook, want het kan best zijn dat het dan minder mooi wordt.
De klokken in huis moesten zaterdagnacht dus op wintertijd, het zijn een paar wekkers en in mijn werkkamer hangen twee klokken die ik op een Kuifje-veiling kocht, Kuifje-klokken dus, wat verder gewone klokken zijn. Ik vind het moment belangrijk genoeg om meteen alle klokken te doen, ook om het maar niet uit te stellen. Paar jaar geleden gebeurde het dat ik een klok pas na de jaarwisseling op wintertijd zette, wat verder niet erg en onbelangrijk is, maar het was een handeling die me irritant verveelde. 
Uiteraard moest ik weer even nagaan hoe het zat, voor- of achteruit. Ik kreeg eens een hartelijke brief van een lezeres waarin stond: vóórjaar is vóóruit en nájaar dus áchteruit. Ineens vond ik dat zo voor de hand liggend dat ik me afvroeg of het wel zo in die brief stond. 
Ook had ik zin de overgang te vieren. Voor het eerst. Wat zegt dat?