Jano van Gool

In de Pers

The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer
Nieuwe roman van Thomas Verbogt, een wrokloze boomer - Thomas Verbogt zoekt naar manieren om van het leven te houden en er zin aan te geven.... - Rob Schouten in: Trouw lees meer
De nieuwe roman van Thomas Verbogt is wijs, ontroerend en spannend - Is Thomas Verbogt weleens negatief besproken?... - Dries Muus in: Het Parool lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Volgeladen

Voor de deur van de supermarkt laat ik me niet meer corrigeren. Paar weken geleden ging ik nog gedachteloos naar binnen. Een medewerkster riep fel of ik voor de ingang wilde wachten: “Dan kunnen andere mensen naar buiten! Ja?” Vooral dat Ja? kwam aan als een oorvijg. Voor straf wilde ik buiten best langer wachten dan strikt noodzakelijk, maar dat was ook weer niet de bedoeling. De medewerkster wees naar een mandje.
Zaterdagochtend stond er een lange rij. Niemand haalde het in zijn hoofd te vroeg naar binnen te gaan. Soms lukt het nog niet zo goed met onze manieren, maar daar wel.
Als ik aan de beurt ben, wordt me een wagentje toegewezen. Vind ik prettiger dan een mandje, al heb weer wel de neiging meer te kopen dan ik van plan was. Een wagentje is ontvankelijk.
Daarin is ook veel zichtbaarder wat je aanschaft. Wanneer het om het dagelijks leven gaat, ben ik altijd hartstikke nieuwsgierig. Graag kijk ik wagentjes van anderen en aan de hand van de levensmiddelen bedenk ik piepkleine verhaaltjes. Zoiets móet ik te doen hebben, want een supermarkt verveelt me anders enorm. 
Bij de kassa staat een man die zijn winkelwagentje volgeladen heeft met chips, Pringles om precies te zijn, dus in van die, ja hoe heet die verpakking? Kartonnen hulzen? Ik heb nog nooit zo’n grote hoeveelheid in één winkelwagen gezien. Misschien zijn ze in de aanbieding. Hij moet rond de honderd euro afrekenen. Het meisje achter de kassa amuseert zich, wat ik graag zie. Ik ook trouwens. 
Het is een Marokkaanse man. Hij zegt dat al die Pringles naar Marokko gaan: “Daar corona. Iedereen voor televisie. Chips zijn gezellig.” 
Over deze aanpak hoor je onze overheid nooit. Kassameisje en ik knikken vol begrip.