In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Losser
Op mijn werkkamer hing lange tijd een foto van de Russische tennisster Maria Sjarapova, gemaakt tijdens de laatste seconde van haar snoeiharde serve. Ze staat op één been en alleen daardoor straalt de rest van haar lichaam betoverend kracht en gratie uit. Het is een foto die optimistisch stemt, zoals vaak met schoonheid het geval is. Ik dacht nooit aan de verboden middelen die daaraan te pas kwamen. En ook niet aan de chagrijnigheid van Sjarapova. Waar ik slecht tegen kon, was als ze haar `de Russin’ noemden. Russische, prima, maar Russin, nee. Onverdraaglijk zinnetje: “De Russin versloeg de Francaise in twee sets.” Bij Russin denk ik altijd meteen aan een grote donkerbruine boodschappentas waaruit 12 preien steken. Vooroordeel, weet ik, maar het is een gevoelskwestie.
Het is niet te vergelijken, maar iets vergelijkbaars heb ik met blokkeerfriezen. Als het om blokkeerzeeuwen ging, was het meteen iets anders. De kwestie die aan de orde is, laat ik graag buiten beschouwing, liefst voorgoed, het gaat me om het woord en wat dat oproept. Blokkeerfriezen, het klinkt hard en meedogenloos. Als het in combinatie met iets aangenaams wordt gebruikt, is het minder problematisch: “Heden dansavond voor blokkeerfriezen.” Gun je ze meteen. Leuk voor ze, denk je erbij, worden ze vast iets losser van. Maar als je hoort “Om de hoek staan een paar blokkeerfriezen”, ga je toch snel een straatje om, terwijl je heus wel weet dat je je niet zo moet aanstellen.
Of: “Weet je dat Bert gaat trouwen? Ja, met Boukje. Hartstikke fijn. Eén dingetje: ze is blokkeerfriezin.” Bijna alle Boukjes zijn hartverwarmend, maar toch houd je je verwarmde hart vast. Boukje blokkeerfriezin! Als dat maar goed gaat!