Perron station Den Bosch, zaterdag: man en een vrouw, dertigers, met tussen hen in een meisje van een jaar of vijf, verkleed als heks, in het zwart, ook een grote zwarte punthoed, op haar gezicht zwarte vlekken, ook een op het puntje van haar neus. Ze heeft iets te grote, gloedn... lees meer
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Berispend
Op het station van Amsterdam ben ik geïnterviewd over mijn stationsgevoel – ik heb er even geen ander woord voor. Als ik dat gesprek is beëindigd, loop ik de stad in. Het is een broze herfstdag. Ik denk na over het eerste station in mijn leven. Dat van Nijmegen. Toen zag ik ook voor het eerste een trein in het echt. Met een locomotief. Drie jaar was ik. Als ik besef dat het me nauwelijks moeite kost die herinnering naar me toe te trekken, hoor ik de harde stem van een vrouw. Ze spreekt mensen toe die het station zojuist hebben verlaten of er naartoe lopen. Boven haar hoofd houdt ze een bord waarop veel staat geschreven. In nonchalante rode letters. Ik zie een paar keer `Jezus’ staan. De toon van de vrouw is fel en berispend. Als ik haar passeer, roept ze – en ik heb de indruk dat ze het speciaal tegen mij heeft: `Ga maar weer naar de hoeren!’ En over haar schouder maakt ze een wegwerpgebaar naar het gedeelte van de stad waar dat beroep wordt uitgeoefend. Ik ben helemaal niet van plan naar de hoeren te gaan, maar ja, dat ga je niet tegen de vrouw zeggen, want misschien denkt ze dan dat je een smoesje verkoopt en krijg je de volle laag en slaat ze je met dat bord om de oren. Dat kun je niet hebben op een broze herfstdag. Wat als ze had geroepen `Ga maar weer naar de HEMA!’? Had ik haar dan wel verzekerd dat ze zich vergiste? Maar dat roept ze niet, want tegen de HEMA zal Jezus geen bezwaar hebben. Tegen hoeren trouwens ook niet, bedenk ik ineens. Staat in de Bijbel! Maar ook hierover wil ik nu niet praten.
Columns
-
-
Om een station binnen te komen moet je door een poortje. Dat gaat open als je je kaartje voor een scanner houdt. Zelfde gang van zaken als je eruit wil.
Wanneer ik in grote haast door het geopende poortje loop, dus erg snel, gebeurt het vaak dat iemand achter me door dezelf... lees meer -
Wanneer het begon, weet ik niet meer, ergens ver weg in de vorige eeuw, maar ineens was die er: koopzondag. Vond het een érg lelijk woord. Veel mensen waren blij dat die er was gekomen, niet omdat het makkelijk was, maar om van de zondag wat te maken, tot dan toe een dag vol gee... lees meer
-
Had hier ook kunnen gebeuren, maar het was een Ierland: een spotje waarin grootouders gemaand werden eerst hun kleinkinderen om toestemming te vragen voordat ze hen gingen knuffelen. De slotwoorden van het overheidsfilmpje zijn: ‘Niet iedereen wil een knuffel, zelfs niet van men... lees meer
-
Derde dag van de wintertijd is begonnen. Nog even en we staan er niet meer bij stil, maar nu nog wel een beetje. Ik hoor mensen vaak zeggen: ‘Het is eigenlijk…’ en dan noemen ze het tijdstip van nu vóór de wintertijd. Vrij nutteloze informatie, maar ja, van gedachten over tijd r... lees meer
-
Wanneer ik op zaterdag, niet al te laat in de ochtend alsjeblieft, over de markt loop, heb ik het geruststellende gevoel dat mijn drukke woonplaats een dorp is geworden. Misschien is dat de voornaamste reden dat ik er heen ga. Er zijn makkelijkere manieren om levensmiddelen te v... lees meer
-
Woord waarvan ik onrustig word: klus. Of kleiner: klusje. Uiteraard is het niet het woord, maar wat het woord betekent of oproept. Woord dat ook te nonchalant gebruikt wordt.
Een nieuwe regeringsleider wordt gevraagd wat de plannen voor het land zijn. Antwoord is meestal v... lees meer -
Gistermorgen keek ik even naar Goedemorgen Nederland dat ‘een fris ochtendprogramma’ wordt genoemd, waarschijnlijk omdat er vaker in gelachen wordt dan in andere actualiteitenprogramma’s. Daar is niets op tegen: aan het begin van de dag lekker lachen kan de energie voeden die no... lees meer
-
Als kind vond ik nieuwe schoenen lastig. Behalve dat ze nog lekker moesten gaan zitten (‘inlopen’ noemde de man in de winkel dat), was het vervelend dat ze er zo nieuw uitzagen. Je voelde je meteen een stuk braver dan je was, een veel te net jongetje. Je hoorde die eerste dagen... lees meer
-
Met een klein beetje vlees in een klein zakje verlaat ik de slagerij en dan springt op straat een niet al te grote hond fel blaffend tegen me op. Ik heb geen verstand van honden, maar zie wel wat mij aantrekkelijk maakt.
-
Als iemand tegen je roept ‘Nou zeg dan maar hoe je het wilt hebben!’ sta je in de meeste gevallen wat richtingloos op glad ijs. Je weet ook niet goed hoe je het wilt hebben, je hebt het liefst dat iemand dat voor je bedenkt.
-
Het is uitstekend voor je karakter dat je soms gewoon maar toegeeft dat je niet goed bezig bent. Ben ik best vaak, maar heb het niet altijd in de gaten, ja, meestal als het te laat is.
-
Het lijkt me een leuke film van Maike Meijers. Wen Er Maar Aan heet die en ik moet er nog heen. Als ik het goed begrijp is de hoofdpersoon een actrice die worstelt met de overgang. In een scène heeft ze in haar broek geplast en probeert die droog te krijgen door in een... lees meer
-
Als ik me erger wil ik meteen dat het ophoudt. De meest ergernis is zonde van de moeite, beetje tragische energie. Ik heb het over ergernis die je niet deelt, die zich alleen in jouw stemming afspeelt. Er bestaat natuurlijk ook extraverte ergernis, dus dat je iemand wat ziet doe... lees meer
-
Begin jaren 80 was ik in het prachtige Praag, toen nog een neerslachtige stad. Een groot deel van Europa werd nog het communistische Oostblok genoemd. Daar mocht je niet te veel plezier en praatjes hebben.
