Wanneer het begon, weet ik niet meer, ergens ver weg in de vorige eeuw, maar ineens was die er: koopzondag. Vond het een érg lelijk woord. Veel mensen waren blij dat die er was gekomen, niet omdat het makkelijk was, maar om van de zondag wat te maken, tot dan toe een dag vol gee... lees meer
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Tanden
Nederlanders eten minder brood, lees ik. Bericht waar schrale droefheid omheen hangt. 2,3 procent minder dan vorig jaar. Het geldt in ieder geval niet voor de op straat lopende Nederlander. Volgens mij wordt er nergens ter wereld in het openbaar zo veel brood gegeten als hier. Broodjes met heel veel erop, hoe dan ook bijna altijd sla (rucula, rucoli, rucolo). De op straat etende Nederlander is als een bezetene met het broodje in de weer. Het ziet er nooit ontspannen uit. Het broodje moet dood en zo snel mogelijk verdwijnen. Het zijn ook broodjes die om grote happen, veel tanden en een geraffineerde ademhalingstechniek vragen. Soms doet zich er een loopneus bij voor. De op straat etende Nederlander heeft ook een nogal speciale manier van lopen. Alsof er een vreemd probleem met de stoelgang is. Ik zeg niet dat ik nooit een broodje op straat eet, maar ik houd mezelf dan wel in stilstand en probeer er iets geheims van te maken. Goed, nu de vraag waaróm Nederlanders toch minder brood eten. Komt waarschijnlijk doordat populaire dieetboeken onze omgang met brood ontmoedigen. Die ontwikkeling is al vier jaar aan de gang. Ik lees die boeken niet, maar had laatst wel een vriendin op bezoek die verstand heeft van alles en verbijsterd keek naar mijn boterham vol pindakaas. `Kan echt niet meer!’ zei ze. Ze legde ook uit waarom, maar dat vergat ik meteen. `Maar dan wel alleen spéltbrood,’ zei ze ergens in haar belerende monoloog. Toen herinnerde ik me dat een paar jaar geleden pindakaas ook niet meer mocht. Echt niet!
Columns
-
-
Had hier ook kunnen gebeuren, maar het was een Ierland: een spotje waarin grootouders gemaand werden eerst hun kleinkinderen om toestemming te vragen voordat ze hen gingen knuffelen. De slotwoorden van het overheidsfilmpje zijn: ‘Niet iedereen wil een knuffel, zelfs niet van men... lees meer
-
Derde dag van de wintertijd is begonnen. Nog even en we staan er niet meer bij stil, maar nu nog wel een beetje. Ik hoor mensen vaak zeggen: ‘Het is eigenlijk…’ en dan noemen ze het tijdstip van nu vóór de wintertijd. Vrij nutteloze informatie, maar ja, van gedachten over tijd r... lees meer
-
Wanneer ik op zaterdag, niet al te laat in de ochtend alsjeblieft, over de markt loop, heb ik het geruststellende gevoel dat mijn drukke woonplaats een dorp is geworden. Misschien is dat de voornaamste reden dat ik er heen ga. Er zijn makkelijkere manieren om levensmiddelen te v... lees meer
-
Woord waarvan ik onrustig word: klus. Of kleiner: klusje. Uiteraard is het niet het woord, maar wat het woord betekent of oproept. Woord dat ook te nonchalant gebruikt wordt.
Een nieuwe regeringsleider wordt gevraagd wat de plannen voor het land zijn. Antwoord is meestal v... lees meer -
Gistermorgen keek ik even naar Goedemorgen Nederland dat ‘een fris ochtendprogramma’ wordt genoemd, waarschijnlijk omdat er vaker in gelachen wordt dan in andere actualiteitenprogramma’s. Daar is niets op tegen: aan het begin van de dag lekker lachen kan de energie voeden die no... lees meer
-
Als kind vond ik nieuwe schoenen lastig. Behalve dat ze nog lekker moesten gaan zitten (‘inlopen’ noemde de man in de winkel dat), was het vervelend dat ze er zo nieuw uitzagen. Je voelde je meteen een stuk braver dan je was, een veel te net jongetje. Je hoorde die eerste dagen... lees meer
-
Met een klein beetje vlees in een klein zakje verlaat ik de slagerij en dan springt op straat een niet al te grote hond fel blaffend tegen me op. Ik heb geen verstand van honden, maar zie wel wat mij aantrekkelijk maakt.
-
Als iemand tegen je roept ‘Nou zeg dan maar hoe je het wilt hebben!’ sta je in de meeste gevallen wat richtingloos op glad ijs. Je weet ook niet goed hoe je het wilt hebben, je hebt het liefst dat iemand dat voor je bedenkt.
-
Het is uitstekend voor je karakter dat je soms gewoon maar toegeeft dat je niet goed bezig bent. Ben ik best vaak, maar heb het niet altijd in de gaten, ja, meestal als het te laat is.
-
Het lijkt me een leuke film van Maike Meijers. Wen Er Maar Aan heet die en ik moet er nog heen. Als ik het goed begrijp is de hoofdpersoon een actrice die worstelt met de overgang. In een scène heeft ze in haar broek geplast en probeert die droog te krijgen door in een... lees meer
-
Als ik me erger wil ik meteen dat het ophoudt. De meest ergernis is zonde van de moeite, beetje tragische energie. Ik heb het over ergernis die je niet deelt, die zich alleen in jouw stemming afspeelt. Er bestaat natuurlijk ook extraverte ergernis, dus dat je iemand wat ziet doe... lees meer
-
Begin jaren 80 was ik in het prachtige Praag, toen nog een neerslachtige stad. Een groot deel van Europa werd nog het communistische Oostblok genoemd. Daar mocht je niet te veel plezier en praatjes hebben.
-
Niet de hele dag, maar we maken wel vaak geluid. Dat geluid is een uiting van iets, vrolijkheid, vermoeidheid, ontstemming (zwaar zuchten).
-
Wanneer hier in huis onverwacht de bel gaat, is het of een bezorger van een pakje, meestal voor buren die niet thuis zijn, of iemand die me bij een goed doel wil betrekken, in veel gevallen een student die van het goede doel een bijbaantje heeft gemaakt. Soms ook bezoek, maar da... lees meer
