Jano van Gool

In de Pers

Thomas Verbogt voegt met deze ontroerende roman een kunststukje toe aan zijn rijke oeuvre - Thomas Verbogt heeft met zijn ontroerende nieuwe roman Foto’s van zonnige dagen een prachtig kunststukje toege... - Vivian de Gier in: Het Parool lees meer
Montere Weemoed II, met Thomas Verbogt & Beatrice van der Poel - Gezien op 2 maart 2022, OBA Theaterzaal, Amsterdam  ... - Kester Freriks in: Theaterkrant lees meer
The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Column

Alert

Niet de eerst keer, de waarschuwing dat we rekening moeten houden met terrorisme. Stadium van de waarschuwing is al voorbij: joodse instellingen zijn doelwit geworden.
Maar er komt nog meer aan, beweren de mensen die het kunnen weten. De oorlog is niet ver weg. We willen dat graag zeggen, maar dan maken we onszelf iets wijs.
Alles en iedereen wordt kwetsbaarder. Daarom moeten we aan wat anders denken dan aan pijn bij de pomp.

Dwaal

Soms zijn het van die kleine dingen die je meteen wilt weten, maar ze schieten je niet te binnen. Bijvoorbeeld een flard van een liedje op de radio dat herinneringen mobiliseert aan een tijd die voorbij is, warme zomeravond, je zit in een tuin, innig geluk flitst door je heen en ergens uit een ander huis klinkt dat liedje, het hoort bij die momenten waarvan je hoopt dat je ze nooit zult vergeten.
Door dat liedje keer je er even naar terug, een klein, kostbaar cadeau van je geheugen. Nu nog dat liedje. Zangeres uit Frankrijk, dat weet je zeker.

Moes

Het is waarschijnlijk niet mooi van mezelf, ik hóór het niet te vinden, maar tóch deed het me goed president Trump eergisteren Jutta Leerdam te horen prijzen. Hij deed dat sympathiek en had haar Olympische race ook gezien. Dat zei hij. Hij zal wel wat anders aan zijn hoofd hebben, maar dat hij er toch een paar woorden aan wijdde, fijn ja.

Kraan

Toen ik tijdje terug zag dat een van de ruiten van mijn auto kapot was geslagen – staat hoog op de lijst van teleurstellende momenten- voelde ik de neiging meteen naar huis te gaan en daarna weer terug naar de auto te lopen in de hoop dat ik me zojuist vergist had. Dat de ruit helemaal niet kapot was, gewoon niet goed gekeken.
Heb het niet gedaan, maar had gekund. Raar? Ja, beetje wel. Maar als je het zelf in de gaten hebt, hoef je je niet meteen bij de geestelijke gezondheidszorg te melden.

Ruimte

Toen ik er hier voor het eerst over schreef, veronderstelde ik met tegenzin dat het verschijnsel in schoonheid zou sterven, maar dat is gelukkig niet zo. Ik heb het over de Silent Book Club. Waarom het in het Engels moet, komt doordat het een internationaal initiatief is, maar de Stille Boekenclub had natuurlijk ook gemogen.

Kwetsbaar

`Waar is het geld ook alweer? Jij had toch cash in huis gehaald?’
`Jij zei dat je het in dat boek had gestopt.’
`Dat boek? Dat boek? Er zijn nogal wat boeken hier in huis. In welke boek had ik het dan gestopt?’

Achtergrond

Graag herhaal ik het: bij verkleinwoorden is waakzaamheid geboden. Ik dacht er weer aan toen ik gisteren in een gezelschap iemand hoorde zeggen: `Dat is echt een klusje voor Thomas.’
Het woord dat in deze mededeling moeilijkheden kan veroorzaken, is klusje. Ieder klusje is meestal een klus. Zég dat dan: klus!
Je moet dan niet roepen: `Dat doe ik wel eventjes!’ Bijna niks kan eventjes. Door te denken dat het wel kan, proberen we alles makkelijker te maken. Zit nu in ons, geloof ik.

Slot

Toch zie ik het me niet doen: op mijn tenen naar de glasbak op de hoek lopen. Zaterdag las ik in deze krant dat het nuttig is. Voor de voetspieren die vergeten voetspieren worden genoemd. Misschien vergelijkbaar met vergeten groenten die sommige mensen al een tijdje best belangrijk vinden.
Gaat vooral om de vergeten voetspieren van ouderen, want als ze die voldoende trainen kunnen ze valpartijen voorkomen.

Snor

Hoe het zit met de hoeveelheid prominenten in andere partijen, weet ik niet, maar zestig vind ik behoorlijk veel. Wanneer ben je trouwens een prominent? Bepaal je dat zelf of doen anderen dat? 
Ik stel me voor dat je op een ochtend wakker wordt, de gordijnen zijn net niet helemaal dicht, je voelt een streep zonlicht langs je gezicht strijken en ineens maakt zich een bewustzijn van je meester dat je nog niet kende. Je ligt niet alleen in bed, nee, de ander voelt dat er wat met je aan de hand is: `Had je een nare droom, poepie?’

Ritme

Waarom denk ik niet: wat heb ik ermee te maken? Denk ik bijna nooit want je hebt met alles wat er om je heen gebeurt te maken, of je wilt of niet. Of je je ermee moet bemoeien, is wat anders, maar je kunt ook weer niet zeggen: ik bemoei me nergens mee. Belangrijk is dat je er hoe dan ook gedachten over hebt, maar niet alle gedachten hoeven in een oordeel uit te monden.

Pagina's